
25 september 1945.
Executie Leo Vindevogel.
Leo Vindevogel werd op
14 december 1888 geboren te Petegem, een dorp in het arrondissement
Oudenaarde, In 1907 kwam hij naar de taalgrensstad Ronse, waar hij
onderwijzer werd aan de vrije katholieke school. Hij was er een der
stichters van de Christen Volksbond en trad toe tot de Katholieke
Partij. Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog meldde hij zich
als oorlogsvrijwilliger.ln 1921 werd hij gemeente raadslid en
schepen van Onderwijs te Ronse en in 1925 katholiek
volksvertegenwoordiger voor het arrondissement Oudenaarde. In
1926 stichtte hij de 'Katholieke Vlaamsche Volkspartij', die
bij de verkiezingen van 1929 een lijst indiende, gekoppeld aan die van
de Vlaams-nationalisten in Oost-Vlaanderen. Vindevogel werd opnieuw
verkozen. In 1932, 1936 en 1939 werd hij, opnieuw als
kandidaat op de lijst van de Katholieke Partij, eveneens naar
de Kamer gezonden. Daar bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog de
socialistische burgemeester en minister Eugène Soudan het
land verlaten had, werd Vindevogel op 2 januari 1941 tot burgemeester
benoemd. Bij de bevrijding gearresteerd, werd hij op 9 maart 1945
veroordeeld tot levenslange opsluiting .Daartegen tekenden hijzelf
en het Openbaar Ministerie beroep aan. Door de stenografische weergave,
die werd opgetekend door een secretaresse van advocaat Dhooge en
uitgegeven door de toenmalige journalist van De Ronsenaar en de latere
CVP-volksvertegenwoordiger Jan Verroken, geldt het proces in beroep als
een van de meest partijdige van de naoorlogse periode.
Tal van elementaire rechtsregels werden met voeten getreden.
Vindevogels parlementaire onschendbaarheid werd nooit opgeheven en de
verdediging kreeg nauwelijks de tijd het dossier in te zien. Tijdens
het proces werden stukken aan het dossier toegevoegd, dwong een
politieofficier bij getuigen valse verklaringen af en werd een
bomaanslag gepleegd tegen een van Vindevogels advocaten.
Het geding tegen Vindevogel, voor de Krijgsraad op 9 maart 1945 en voor
het Krijgshof op 30 april 1945, had niets te maken met een serene
rechtspraak en geldt als een van de partijdigste processen, die tijdens
de repressie werden gevoerd. Enkele parlementsleden, zeven in totaal,
hebben een verzoek om genadeverlening ondertekend, dat door de
prins-regent werd afgewezen.
Op 25 september 1945 werd Leo Vindevogel terechtgesteld in de
gevangenis van Gent, waar zijn vrouw en zijn kinderen opgesloten waren.
Er werd niet ingegaan op zijn verzoek om zijn familie naar een andere
gevangenis over te brengen. Dat zijn tegenstrevers te Ronse, onder wie
sommigen met leugenachtige getuigenissen bijgedragen hadden tot de
doodstraf, opgekomen waren om het spektakel bij te wonen en hem in zijn
laatste ogenblikken scheldwoorden toestuurden, tekent de mentaliteit.
|